Kutzooi!

Al eeuwen ben ik niet meer aan het schrijven, maar aan het herschrijven. Zinnen verdwijnen, scènes worden korter… Tot één A4’tje op een liftdeur een hele wereld oproept.

Een fragment uit Het Cijferpaleis:

Ik open de autodeur en meteen overvalt de ziltige lucht me. Een geur die hoort bij een ontspannen middag in de waterleidingduinen en niet bij een gesticht waar ik mijn gestoorde dochter moet afgeven. Ik kokhals bijna van die geur.

We lopen over zanderige stoeptegels naar de draaideur. Aan de binnenkant zit condens, zodat ik niet kan zien wat ons aan de andere kant van het glas te wachten staat. Ik houd mijn hand naar voren om de draaideur in beweging te zetten, maar die geeft niet mee. Achter me bonkt Anne tegen me aan.

‘Komt u verder,’ klinkt het uit een onzichtbare intercom. De draaideur draait ons een kleine hal in, waar een receptioniste ons vanachter veiligheidsglas toeknikt.

‘U bent de familie Tervoort?’

‘Ja,’ antwoordt Judith, ‘we zijn hier met Anne.’

‘In orde, u kunt daar wachten. U wordt dadelijk opgehaald.’

Ze wijst naar een houten deur waarop met pleisters een A4’tje is geplakt. ‘Wachtkamer’ staat er met viltstift op. Na zeventien minuten wachten volgen we de vrolijk deinende paardenstaart van een verpleegster naar een dubbele deur van gewapend glas. Ze houdt een pasje voor het deurslot en typt een zescijferige code in.

‘We hebben hier een gesloten afdeling, vandaar dat de procedure nogal omslachtig is,’ legt ze ongevraagd uit en herhaalt de procedure bij de lift. De lift is van dof uitgeslagen chroom en ook hier is naast het bedieningspaneel een A4’tje met pleisters vastgeplakt. ‘Gelieve niet in de lift te springen’ staat er in dikke rode viltstift.

Aan de rand van het papier staat iets onleesbaars. Pas als ik mijn leesbril opzet kan ik het priegelige woord ontcijferen.

Kutzooi!

Het Cijferpaleis is een psychologische roman over anorexia, neurodivergentie en de gesloten jeugdzorg.